top of page
Zoeken

Coop Centraal: De eerste democratische supermarkt in Vlaanderen

  • planantwerpen
  • 29 aug 2024
  • 2 minuten om te lezen

Coop Centraal, opgericht in 2023, is de eerste democratische supermarkt in Vlaanderen. Het doel van deze Antwerpse winkel is om duurzaam eten voor iedereen betaalbaar te maken. Bovendien heeft elke klant invloed op de productkeuze. Iedereen die in deze supermarkt winkelt, beslist mee over wat er in de rekken komt.


Klant is koning


“Bij Coop Centraal is iedere klant ook coöperant, mede-eigenaar en mede-beslisser”


“De supermarkt van de mensen, voor de mensen en door de mensen”, zo omschrijft Jakob, een van de oprichters, Coop Centraal. Dit betekent dat de supermarkt niet alleen door de oprichters wordt geleid, maar dat ook mensen van buitenaf mogen meebeslissen. Vier keer per jaar wordt er een algemene vergadering georganiseerd waar elke coöperant kan stemmen en ideeën kan inbrengen. Jakob legt uit: “Het grote voordeel van onze winkel is dat we samen kunnen beslissen over wat we belangrijk vinden. Colruyt had vorig jaar 200 miljoen euro aan inkomsten. Stel je voor dat we samen konden beslissen wat er met dat bedrag gebeurt. Dan zouden we echt grote dingen kunnen bereiken.”


Duurzaamheid als kernwaarde


“Duurzaam betekent vaak duurder maar wij proberen dat om te wisselen”


Het idee om een democratische supermarkt op te richten kwam voort uit de zorgen die de initiatiefnemers hebben over het klimaat. Jakob: “Iedereen heeft ideeën en standpunten over het klimaat, maar wij vonden sommige niet ambitieus genoeg. Voor ons moet het nog rechtvaardiger en doelgerichter.” Daarom verkoopt Coop Centraal alleen maar duurzame producten, die bovendien 10% goedkoper zijn dan in reguliere supermarkten. Dit is mogelijk dankzij hun unieke werkwijze zegt Jakob: “Iedereen werkt één shift per maand. We besparen zo op kosten zoals aandeelhouders en personeel. Hierdoor kunnen we duurzame voeding voor een lagere prijs aanbieden.”


Toekomstvisie en sociale impact


Hoewel het nog een grote stap is om Coop Centraal buiten Antwerpen uit te breiden, willen ze wel eerst naar een groter pand verhuizen in Antwerpen en ook hun aanbod uitbreiden. Jakob: “Een breder aanbod maakt het aantrekkelijker voor verschillende soorten mensen om naar hier te komen.” Coop Centraal beschouwt zichzelf als een sociaal-cultureel project zegt hij. De keuze om met voeding te werken, komt voort uit het idee dat voeding een universele behoefte is. “In Antwerpen zijn er veel gescheiden gemeenschappen. Ze hebben niet per se negatieve gedachten over elkaar, maar de combinatie van deze gemeenschappen is vaak moeilijk. Daarom hebben we een supermarkt opgericht. Iedereen heeft voeding nodig, ongeacht de bevolkingsgroep” vertelt Jakob. Door het aanbod eventueel te vergroten, hopen ze meer bevolkingsgroepen aan te trekken en de sociale samenhang te verbeteren. Daarnaast willen ze ook meer groepen aanmoedigen om duurzaam te kopen en bij te dragen aan een beter klimaat.


Door: Floortje Scheers

Opmerkingen


Antwerpen is een bruisende centrumstad in Vlaanderen. In 2023 telde de gemeente ruim 536.079 inwoners op een oppervlakte van 20.432 hectare. Met zo’n 172 verschillende nationaliteiten is Antwerpen een van de meest multiculturele steden in België.

Stadsleefbaarheid is geen evidentie voor een wereldstad als Antwerpen. Daarvoor zijn initiatiefnemers, gamechangers en experts nodig die meebouwen aan de stad van morgen.

 

Plan Antwerpen zet deze gamechangers met hun unieke initiatieven en

ijzersterke community’s in de spotlights. 

Wat heeft een stad nodig? 

Woord van een stadsexpert: Sven Augusteyns

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

​​​

Daarnaast vind ik het belangrijk dat een stad een eigen identiteit heeft. Er moet variatie zijn in bouwstijlen.  Niet één, maar honderd architecten zouden een stad moeten ontwerpen. Dat gaat gepaard met slow urbanism. Het Eilandje in Antwerpen is een goed voorbeeld van een wijk die traag gebouwd is. Het MAS is zo’n zeventien jaar geleden gebouwd en vanaf dan zijn er hier en daar gebouwen gerenoveerd. Tot op heden is deze wijk in volle vernieuwing. Ten slotte is mobiliteit ook een zeer belangrijk aspect. Bovendien gaat dat ook gepaard met het eerste puntje, koelte. Bij een koeltestad willen we namelijk groen creëren op de plaatsen waar nu auto’s geparkeerd staan én het gemotoriseerd verkeer verschuiven naar niet-gemotoriseerd verkeer. In Antwerpen hebben we een concrete  doelstelling dat 70% van de mensen die met de auto naar het centrum komen 50% moet worden tegen 2030. Dat is misschien te optimistisch, maar wel broodnodig.” 

 

Hoe hard bepaalt de politiek en het beleid de stad?

Augusteyns: “Als je een project wil uitvoeren, dan moet je een omgevingsvergunning hebben. Die wordt eerst geadviseerd door de stedenbouwkundige ambtenaar van de stad en meestal ook het college. Soms worden de buurtbewoners ook bevraagd en dat vind ik de mooiste processen.”Wij zijn met Plan Antwerpen voornamelijk bezig met kleinschalige organisaties die echt vanuit hun eigen probleem zijn opgestart, maar hebben die ook effect? Augusteyns: “In een stad is samenwerken heel belangrijk. Als burgers met een initiatief komen en ze voelen dat de stad dat op een manier steunt, dan boost dat de goesting en de mentale shift van de mensen. Veel mensen denken bij nieuwe initiatieven “we dachten ook al zo, eindelijk” en anderen denken “nog nooit bij stilgestaan, maar we zullen meedoen”. Gaan kleine organisaties het verschil maken? Op korte termijn natuurlijk niet. Die ene stoeptegel gaat de wereld niet redden, maar zal wel veel mensen doen nadenken.

 

De overheid is in dit verhaal essentieel. Dat het idee van de burgers komt is logisch, want zij gaan experimenteren en opmerken. De overheid is de schakel naar realisatie. Dus zoals ik zei, het samenwerken in een stad is the key: kleine initiatieven hebben de grote nodig.”

unnamed.jpg

Hoe kijkt een stedenbouwkundige die elke dag opnieuw steden inricht naar het toekomstige Antwerpen? Plan A sprak met Sven Augusteyns, een expert op vlak van stadsinrichting en urbanisme.

 

Stel dat u Antwerpen opnieuw zou mogen inrichten, aan welke vijf elementen geeft u dan prioriteit?

Augusteyns: “Ten eerste zou ik alles ontwerpen in functie van koelte. Antwerpen is een stad die enorm verhard is en dus veel hitte kent. Een oplossing daarvoor zijn koelspots. Dat zijn parken en straten waar bomen en struiken goed kunnen groeien en zo schaduw kunnen bieden. Een doelstelling is om tegen 2050 voor iedereen zo’n koelspot op wandelafstand te voorzien. Zulke plaatsen zijn bevorderend voor het klimaat en zorgen voor verbinding tussen de burgers. 

Dat brengt mij ook meteen op het tweede punt. Ik zou prioriteit geven aan het creëren van een sociale stad. We spreken soms ook wel van een ‘vijftienminutenstad’. Dat is een stad waar mensen kunnen wonen, werken en ontspannen, allemaal op een afstand van 15 minuten van elkaar. Het is de ideale manier om tot een fijne community te komen met een hoge levenskwaliteit. Een voorbeeld van zo’n vijftienminutenstad is Ieper. Ik vind het ook belangrijk dat iedereen zich welkom voelt in een stad. Zo wordt er vandaag de dag ook nagedacht over hoe we pleinen en straten vrouwvriendelijker kunnen maken. 

Gamechangers op vlak van...

bottom of page